Meneer Ikea

Houdt u ook zo van winkelen in de IKEA? Wij dus ook niet. Een bezoek aan IKEA staat zo’n beetje gelijk aan opgenomen worden in een detentie-inrichting: je komt er makkelijk in maar je komt er bijna niet meer uit. Na een lange speurtocht slingerend langs Pröt, Tröll en Smökkl vind je het artikel waar je naar op zoek was. Als je geluk hebt tenminste, want vaak word je op de plek aangekomen doorverwezen naar een magazijnstelling elders in het pand, en kun je dus nog een keer zoeken. En dan moet je nog over logistieke kennis beschikken om je weg te banen door de stellingen en vakken.

De winkelervaring in een IKEA is alleen al reden genoeg om die hele Zweedse woontrend vaarwel te zeggen. Om nog maar niet te spreken over het doorworstelen van een imbeciele handleiding als je thuis je pakketje opent en blijkt dat je het betreffende product zelf nog in elkaar moet zetten. Zelfs de meest basale producten weet IKEA uit elkaar te slopen en ze tot een lastige puzzel te maken voor zijn arme klanten.

Mijn vrouw noemt de IKEA daarom steevast “de hel” en toen wij nog af en toe bij deze woongigant kwamen was het dus een gevleugelde uitdrukking om aan elkaar te vragen: “Ga jij nog naar de hel?” Als je wat langer in hetzelfde huis woont hoef je steeds minder vaak naar deze hel, dus dat lucht dan weer op. Iets minder woonstress.

Maar, vraagt u zicht af, beste lezer, waarom bestaat IKEA nog als ze zo in staat zijn hun klanten het bloed onder de nagels vandaan te halen? Zijn het de goedkope ontbijtjes waarmee armeluisgezinnetjes en zwervers om acht uur ’s ochtends de winkel in worden gelokt? De onweerstaanbare gehaktballetjes? De warme lucht als het buiten koud is?

Nee, ik zal het u duidelijk maken. IKEA heeft af en toe spullen die ze bij andere winkels niet hebben. Zo kwamen wij bij IKEA terecht voor de aanschaf van ons matras voor de B&B. Na het bezoeken van veel beddenwinkels en proefliggen op de meest uiteenlopende matrassen, bleek het matras van IKEA toch het beste te liggen. En we hadden ons voorgenomen, we kopen het beste van het beste. Aldus geschiedde.

Gelukkig konden we de hel vermijden door onze bestelling online te plaatsen. Matras, beschermhoes, lattenbodems. Geen stress in de helwinkel maar lekker rustig online bestellen en alles voor een beste prijs thuis laten bezorgen per vrachtauto. Ja, per vrachtauto. Dat scheelt want dan hoef je niet meer zo te klooien met een te kort inbussleuteltje.

Het matras kwam gelukkig keurig in één stuk, ik had er niet aan moeten denken om 1600 pocketveren in elkaar te moeten puzzelen. Het is IKEA dus het had gekund! Maar de teleurstelling kwam bij de lattenbodems. Hoewel die ge-mak-ke-lijk in de laadruimte van de vrachtauto zouden hebben gepast, zijn deze als compacte pakketjes naar Pieterburen verzonden.

En dus hebben wij ons twee avonden mogen stukbijten op het in elkaar sleutelen van lattenbodems met verende beukenhouten latten, 48 stuks maal twee. Probeer die maar eens netjes in te spannen. Oké. Ik ben vrij gespierd. Het is mij gelukt. Slechts enkele sneeën in mijn handen aan overgehouden. Maar als een oud vrouwtje zo’n lattenbodem bestelt?

Ik vraag me af waar meneer IKEA zijn woonspulletjes haalt. Vast niet in de hel.

Bejaarde atleet zoekt slaapplaats

Dolph komt naar Pieterburen. Dolph is een meneer die 1600 kilometer wandelt langs de grenzen en kust van Nederland. Ik wist niet dat Nederland zo groot is, maar ja dus!

Wandelaar Dolph beleeft allerlei avonturen want hij ontmoet mensen langs zijn route. Spontane ontmoetingen, zo lijkt het. En hij komt binnenkort ook in Pieterburen. Op zijn blog staat dat hij 15 september hier zal zijn en dat hij nog een slaapplaats zoekt.

Zal ik hem onderdak bieden? Het lijkt zo mooi. De eenzame wandelaar welkom heten in mijn bedstee. Ik worstel me door de veel te ingewikkelde website volgdolph.nl en vind daar een formulier om me aan te melden. Leuk, doen, denk ik,

Maar ik moet eerst akkoord gaan met de voorwaarden. Laat ik die voor de verandering eens lezen. En die voorwaarden zijn niet mis. Als ik Dolph onderdak bied, gaat hij mij filmen. En vragen stellen. En met die film mag hij alles doen. Publiceren op internet en televisie. Dan word ik dus ongewild gastacteur in de grote Dolphshow zonder dat ik daar verder nog invloed op kan uitoefenen. Wat vreemd.

Als ik wat verder scroll zie ik wat er achter zit. Dolph wordt gesponsord door Interpolis. Weet je wel. Verzekeraar Interpolis, Glashelder. En plotseling bekruipt me het gevoel dat Dolph misschien niet een eenzame fanatieke wandelaar is, maar een bejaarde atleet die is ingehuurd door een reclamebureau. Een reclamebureau dat voor Interpolis een slimme campagne heeft opgezet.

Ik ga Dolph niet uitnodigen. Nee. Kom op. Liever een vluchteling.

De zon schijnt in Pieterburen

Na regen komt zonneschijn! We schijnen nog even een lekker weekje nazomerweer te krijgen in Pieterburen. Prima. Mooi gelegenheid om het laatste stukje vloer te zagen en schuren in de buitenwerkplaats. Wel leuk om buiten te werken maar je bent wel afhankelijk van de elementen :-/

Het bed

Vandaag arriveert het superbed! Met de vrachtauto van Transport Service Schelluinen. Chauffeur met bijrijder. Jaap en Tigo. Aardige jongens. Ze dragen een t-shirt met hun naam erop geborduurd. Alleen heet Tigo volgens zijn t-shirt Ronald. Dat komt omdat Ronald is vertrokken bij Transport Service Schelluinen en zijn t-shirts nog niet op waren. Tigo maakt nu Ronalds shirts eerst op. En die van Bert want die is ook vertrokken.

Ze hadden een kwartier voor aankomst gebeld dat ze eraan kwamen. Dat vind ik nu slim. Slimmer dan het meest geavanceerde track-en-trace systeem. Gewoon even bellen en dan weet ik dat ik op de bel moet letten.

Ik serveer ze koffie en limonade. Ze rijden voor IKEA vanuit het distributiecentrum in Oosterhout. Het matras blijkt zo zwaar dat je het met twee personen moet tillen! :) Gelukkig is hier alles gelijkvloers. De vrachtauto blokkeert de weg een beetje maar gelukkig is het niet druk in de straat. Na hun verversing vertrekken de chauffeurs naar Stad. Ze moeten nog vier bestellingen afleveren.

Dankjewel Jaap en Tigo, en goede reis!

Ik vertrek. Naar Groningen.

Ik ben een fan van het programma Ik Vertrek. Een beetje meewarig kijk ik naar mensen die een camping beginnen in Frankrijk, of een boerderij kopen in Tjechië. Zonder dat ze Frans of Tjechisch spreken. Ze kunnen nog net een brood kopen bij de bakker. En van een riolering of een stopcontact aanleggen hebben ze helemaal geen verstand. Naïef toch? Zo begin je toch niet aan zo’n avontuur?

Ik vertrok ook, naar Groningen. Zes jaar geleden inmiddels. Vanuit Zoetermeer. Nu is Pieterburen officieel nog onderdeel van het Koninkrijk Nederland, maar daar houdt het wel zo’n beetje mee op. Alles is hier anders en werkt hier anders. Wat dat aangaat is het echt emigreren, het enige verschil is dat je met Nederlandse kentekenplaten kunt blijven rijden en belastingtechnisch niet zo ingewikkeld hoeft te doen.

Voor het overige kan ik concluderen dat ik ongeveer even naïef was als de mensen die ik bekijk op televisie. Ik wist ook weinig. Sprak en verstond geen Grunnegs en dat proaten ze hier toch echt wel. Dacht dat een huis restaureren wel binnen een jaar kon zijn afgerond. Tsja. Inmiddels ben ik wijzer. En handiger.

Boer’n

In “het Westen” (daarmee wordt bedoeld de Randstad) wordt het woord “boer” weleens als scheldwoord gebruikt.

Zoniet in Noord-Groningen. Daar is boer een eretitel. Je kunt ook gerust iemand vragen “Ben je boer?” zonder bang te zijn dat hij zich gekwetst of beledigd voelt.

Boeren zijn de grootgrondbezitters van het platteland. De nazaten van de hereboeren uit vroeger tijden. Boeren zijn trots op hun status! Boerderijen in Groningen zijn ook groot. Dat komt, heb ik me laten uitleggen, door het vroegere erfrecht in Groningen. De boerderij ging hier over op de oudste zoon. Het land werd niet verdeeld over alle nazaten zoals bijvoorbeeld in Friesland. Daardoor zijn de boerderijen in Groningen groter dan die in Friesland.

Boeren zijn meestal aardig. Ik kom regelmatig bij diverse boeren op het erf. Ze zijn zonder uitzondering open en gastvrij.

Maar op de smalle landweggetjes van Noord-Groningen moet je oppassen. Daar zijn de boeren namelijk wel de baas. En ze rijden daar met grote, brede tractoren en landbouwmachines.

Als automobilist met een tweewielaangedreven auto zou je verwachten dat een boer met tractor wel even voor je uitwijkt. Met zijn grote wielen kan hij immers gemakkelijk een stukje door de berm zonder vast te komen zitten. Daar zijn die tractoren immers voor gemaakt. Maar dat doen boeren niet. Als gewoon volk moet jij de berm in, of je auto dat nu leuk vindt of niet.

Ken je rangorde op de weg!

Zo maar doen?

Eén van de eerste dingen die mij opviel na mijn emigratie naar Groningen was de zin die alle cassières in supermarkten gebruiken na het scannen van het laatste artikel dat je op de band hebt gelegd.

“Zo maar doen?”

Let maar eens op. Ze zeggen het altijd. Ik denk een stukje noordelijke cultuur. De cassières zelf weten het ook niet. Acht items op de band > blieb blieb blieb (8x) > “zo maar doen?”

“Ja natuurlijk, ZO MAAR DOEN.” In mijn fantasie ga ik die vraag gewoon beantwoorden. “Waarom leg ik anders deze acht artikelen op de band? Als ik meer wilde hebben, had ik mijn mandje wel verder gevuld en dit ook op de band gelegd. Als ik minder wilde hebben, zou ik het niet hebben gepakt. Dus ja: zo maar doen!”

Ik heb me kunnen beheersen.

En als de volgende klant zijn kamer reserveert voor onze B&B zeg ik waarschijnlijk automatisch: “Zo maar doen, mevrouw en meneer?”

 

Penvriendin met tandenborstel

Dit is een ge-antidateerd bericht. Dat betekent dat ik de datum ervan handmatig heb teruggedraaid in WordPress, het programma waarmee ik deze website maak. Want het speelt in 2010. En toen was WordPress er nog niet. Althans niet hier.

Ooit was ik lid van Relatieplanet, een website om nieuwe mensen te leren kennen om amoureuze dingen mee te doen. Ik schreef er met een Groningse vrouw, en we vonden elkaar best leuk. De correspondentie mondde uit in een soort van vriendschap. Een penvriendin in het Hoge Noorden, leuk.

Ik trouwde in 2009 met Sandra, de liefde van mijn leven. Met de Groningse bleef ik af en toe schrijven. Toen wij als pasgetrouwd stel naar Pieterburen verhuisden, wilde de Groningse langskomen. Om te helpen de kamer te schilderen. Ik zag daar geen enkel bezwaar in, want we konden wel een paar extra handjes gebruiken.

Ik haalde haar af van het station Baflo. In plaats van de leuke, aardige vrouw van haar Relatieplanet-profiel, bleek ze een bemoeizuchtige, dominante kletstante te zijn. Wat een gezellig dagje schilderen had moeten worden, mondde uit in een dag vol ergernis omdat ze alles zogenaamd beter wist en wilde bepalen hoe mijn interieur en mijn tuin zouden worden vormgegeven.

Hoe erg het was werd pas duidelijk toen een bezorger een pakket kwam brengen, en deze chauffeur automatisch aannam dat mijn echtgenote mijn dochter was (ze ziet er inderdaad jong uit, dat klopt wel) en bemoei-vriendin mijn vrouw. Ondanks het compliment was mijn werkelijke echtgenote ‘not amused’.

Omdat laatste treinen in Baflo heel vroeg vertrekken, moest penvriendin blijven slapen. Dat is in Groningen gebruikelijk.

Toen ze de volgende ochtend vertrok tot ons beider opluchting, bleek dat penvriendin haar tandenborstel in mijn douchecel had laten liggen. Mijn vrouw, normaal poeslief, ontplofte bijna. Want in de eerste plaats is het dom om iemand die je niet kent, uit te nodigen om te komen klussen. Maar als die persoon dan doet alsof ze er woont, is het helemaal een slecht idee.

Penvriendin bleef me na deze ontmoeting mailen. En drie jaar lang stuurde ze met Kerst truttige cadeautjes. Daarna hield het op. Haar tandenborstel is via het Gronings huisvuil-ophaalsysteem in een verbrandingsoven beland.

B&B | Slapen | waar het land de Wadden kust